Geen categorie

Terugblik op de Zomerleesavonden in de Hof van Hildegard

Canonization_2014-_The_Canonization_of_Saint_John_XXIII_and_Saint_John_Paul_II_(14036966125)De lustrumeditie van de zomerse leesavonden in de Hof van Hildegard bij de Hildegarduskerk was misschien wel de meest inspirerende. Een piepklein boekje, ‘De naam van God is genade’ het nieuwe boek van paus Franciscus, met als thema Barmhartigheid en in  eenvoudige woorden geschreven. Dat kan ook bijna niet anders als Paus Franciscus, geïnterviewd door Andrae Tornielli, spreekt. Nu een uurtje in stilte gelezen te hebben gingen we met elkaar in gesprek: open, eerlijk, elkaar in zijn of haar waarde latend. Worstelend ook met de vraag hoe je de woorden van deze Paus kan vertalen naar de wijze waarop wij vandaag en morgen kerk willen zijn.

Aan de deelnemers werd gevraagd om met elkaar een preek te schrijven voor een zomerse zondag. Een bloemlezing werd het waarop het ‘Bon giorno’ van de 13e maart 2013 op de achtergrond meeklonk…

De volgende passage stond met stip nummer één:

Ik herinner me uit mijn tijd als rector aan het Jezuïtische college Maximo en als pastoor in Argentinië een moeder met kleine kinderen die in de steek was gelaten door haar man. Ze had geen vast werk, het enige wat ze kon vinden was af en toe een baantje als lerares voor een paar maanden per jaar. In de perioden dat ze geen baan had, werkte ze in de prostitutie om haar kinderen te eten te kunnen geven. Ze was nederig, ze kwam regelmatig naar de kerk, we probeerden haar te helpen met de Caritas. Op een dag –het was in de kerstperiode – kwam ze met haar kinderen naar het Colegio en vroeg naar mij. Ik werd geroepen en ik ging haar ontvangen. Ze was gekomen om me te bedanken. Ik dacht dat het was vanwege het levensmiddelenpakket van de Caritas dat we hadden gestuurd: ‘Hebt u het ontvangen?’ vroeg ik. En zij zei: ‘Ja, ja, daar wil ik u ook voor bedanken. Maar ik ben vooral gekomen om u te bedanken omdat u altijd ‘mevrouw’ tegen me bent blijven zeggen. Door dat soort ervaringen leer je hoe belangrijk het is om gevoelvol om te gaan met degene die je tegenover je hebt en diens waardigheid niet te beschadigen. Voor haar was het feit dat de pastoor haar ‘mevrouw’ bleef noemen, ook al had hij een vermoeden van het leven dat ze leidde wanneer ze niet kon lesgeven, even belangrijk of misschien nog wel belangrijker dan de concrete hulp die we haar gaven. (pagina 91 – 92)

Pastor Rob Lijesen